Kêst 149: Uitoefening regterlijke magt Grondwet van 1848Vijfde Hoofdstuk. Van de Justitie.Eerste Afdeeling. Algemeene beschikkingen. 148 Kêst 149 150 De regterlijke magt wordt alleen uitgeoefend door regters, welke de wet aanwijst. Tijdlijn van het artikel Tijdlijn Lijst Tekstwijziging Herpublicatie (ongewijzigd) Wat veranderde er ? gemarkeerd = toegevoegd · doorgestreept = verwijderd ‹ vorige wijziging volgende wijziging ›
Tijdlijn van het artikel Tijdlijn Lijst Tekstwijziging Herpublicatie (ongewijzigd) Wat veranderde er ? gemarkeerd = toegevoegd · doorgestreept = verwijderd ‹ vorige wijziging volgende wijziging ›